In '98 begon ik aan een nieuw Ionisch avontuur. De restauratie van een traditionele Griekse houten kaiki. We kochten een oude boot die ooit van Jani's vader was geweest, om die helemaal op te knappen en geschikt te maken voor dagtochten met toeristen.
Na een spannende tocht over kronkelige binnenweggetjes kwam het schip aan bij de werf. Het grote werk kon beginnen.
Het oude dek werd eraf gesloopt.
Daarna volgde een grondige schoonmaak, door branden, krabben en vegen van de spanten. Alle hoekjes en gaatjes werden cm voor cm afgewerkt om daarna in de zelfgemengde menie (met veel extra lijnolie) gezet te worden.
Spanten die kleine mankementen hadden werden verstevigd, en er werden extra verstevigingen aangebracht bij voor- en achtersteven. Jani had eigenlijk scheepsbouwer willen worden, en was van kleine jongen af aan altijd al op scheepswerven te vinden waar hij de kunst van het botenbouwen goed heeft afgekeken. Geboren en getogen op zee met kleine houten bootjes onder alle weersomstandigheden kent hij het belang van een goed geconstrueerde boot. Verder is hij ook nog eens een perfectionist, en werden kosten nog moeite gespaard dit schip grondig te restaureren.
We besloten het nieuwe dek hoger te brengen dan het oorspronkelijke dek. Hiervoor moesten alle spanten verlengd worden. Spant voor spant werd precies op maat gemaakt met het timmermansoog van Jani.
Daarna werden er op ingenieuze wijze gaten geboord in de bestaande spanten om de verlenging met roestvrijstalen bouten te bevestigen. Omdat de boormachine hier niet tussen paste gebruikten we een haakse slijper met steeds een langere boor. Soms moesten we wel 3x van boor verwisselen voordat het gat klaar was. Al met al tijdrovende klusjes.
Om het verband in de romp te houden werden al snel de belangrijkste dekbalken gezet. Hiervoor gebruikten we plaatselijk cipres hout. Voor de spanten gebruikten we eucalyptus. Van mijn buurman had ik een hele boom gekregen, die al 10 jaar omgezaagd op zijn land lag. We moesten wel zelf voor vervoer zorgen. Met een bulldozer en vrachtwagen kregen we de enorme stukken hout naar de zagerij waar ze tot plakken van verschillende afmetingen gezaagd werden. Uiteindelijk hebben we deze in 2 boten verwerkt. De Agios Spiridon, en later de nieuwe vissersboot.
Inmiddels was het voorjaar geworden en kon de plastic tent die we in de winter gemaakt hadden opzij geschoven worden. 's Nachts ging die nog wel dicht voor de dauw, maar overdag was het een heerlijke temperatuur om te werken.
We begonnen de nieuwe huidplanken rondom te maken. Mijn favoriete klus. Het meten van de vorm van de oude plank zodat de nieuwe naadloos aansluit. Elke keer weer spannend, en elke keer weer zo'n voldoening als je de plank wanneer die gebogen wordt langzaam precies op z'n plek ziet komen.

Ook het opmeten van de takkado (gangboord) was een zorgvuldig klusje. Deze moest buitenom precies om de spanten heen passen, waarna het uitstekende stuk netjes werd afgeschaafd tot stootrand. Een andere manier om deze te maken is een verse cipres in de lengte doormidden zagen en buiten om de spanten heenbuigen. Tussen de spanten in kan je het dan opvullen met blokjes hout. Deze manier was Jani echter te min, dus we namen de uitdaging aan... Bij de visserboot hebben we de takkado nog beter gemaakt. Door een nog bredere plank te gebruiken waar de gaten voor de spanten in uitgebeiteld werden, precies onder de goede hoek. Vooral voor en achter waar de spanten naar buiten buigen was het lastig dit eroverheen te krijgen. Maar na wat gepuzzel lukte het en sloot alles keurig om de spanten heen aan.
Inmiddels was het zomer, en loeiheet. Vaak werkten we 's avonds en 's nachts en in de vroege ochtenden. Zonder oude stukken zeildoek voor de schaduw en ons lampensnoer zou het werk stilgelegen hebben. Inmiddels lag het dek erop. Het makkelijkste klusje van alles.
Intussen zijn we verhuisd naar een andere werf, en is ook het potdeksel klaar. Hiervoor gebruikten we verschillende houtsoorten, voornamelijk eik en irocco. In eerste instantie werd het flink in de olie gezet. Later zijn we gaan lakken.
Nu waren we klaar voor de volgende grote klus, de nieuwe kiel. Een gedeelte van de bodem en de oude kiel werden eruit gesloopt.
Het hout voor de nieuwe kiel hadden we al klaar liggen, de langste en breedste stukken van de eukalyptus boom hadden we daarvoor gereserveerd.
Om wat meer op te schieten, en wat meer 'officiële' kennis en mankracht in huis te hebben vroegen we scheepsbouwer Kiriako om te komen helpen met deze klus. Heel precies werd weer opgemeten waar uitsparingen voor de spanten moesten komen. Deze werden netjes uitgebeiteld.
Daarna met takel en krikken het gevaarte op z'n plaats brengen.
Zou het passen?
Binnen in de boot komt boven de kiel de 'sofra karina'. Alles met dikke roestvrijstalen bouten stevig tegen elkaar vastgezet. Daarna de motorsteunen, ook keurig pas gemaakt. En dan mag de motor erin. De oude motor (Perkins, 80 pk) uit Jani's vissersboot heeft een volledige service gekregen en is weer als nieuw.
Langzamerhand komt er schot in. We zijn nu een jaar bezig en beginnen aan de afwerking.
Vriendin Lisa maakt mooi houtsnijwerk
En dan het stuurhuis nog.
En de railing,
het roer, met stuurkabels doorgetrokken naar het nieuwe stuurwiel.
Na nog een hele winter klussen om het schip echt een schip te maken, van mast tot toilet, slangen en bedradingen is het dan eindelijk zover.
Op 21 april (mijn verjaardag) 2000 gaat de nieuwe boot te water.
Letterlijk bloed, zweet en tranen heeft het gekost, maar met een ijzeren doorzettingsvermogen is het volbracht.
|